NIEUWSTE BLOGS

Blog

Home / Algemeen / De langzame val van Babylon en de komst van Gods bestuur

De langzame val van Babylon en de komst van Gods bestuur

Heidense feesten en het onvermijdelijke einde van Babylon

Het is noodzakelijk om hier vanaf het begin helder en zonder omwegen te zijn: de feesten die in het Westen als “ons cultureel erfgoed” worden gezien, zijn niet onschuldig en ook niet neutraal. Ze zijn heidens van oorsprong, voortgekomen uit voorchristelijke rituelen, natuurverering, vruchtbaarheidsculten en zonnewende-symboliek. Dat ze later een christelijk sausje hebben gekregen, verandert niets aan hun kern. In Gods Koninkrijk is geen plaats voor vermomde afgoderij, ook niet wanneer die gezellig is, traditioneel aanvoelt of door generaties is genormaliseerd.

Babylon is in Bijbelse zin niet slechts een moreel probleem, maar een bestuurlijk systeem. Het is een wereldorde die zichzelf organiseert zonder rekening te houden met Gods wet. Binnen dat systeem functioneren feesten als bindmiddel: ze geven ritme aan het jaar, creëren emotionele verbondenheid en houden het volk rustig en afgeleid. Brood en spelen, maar dan in moderne vorm. Dat verklaart ook waarom juist deze feesten nu onder druk komen te staan. Niet omdat bestuurders plotseling moreel verheven zijn, maar omdat Babylon zichzelf begint te ontmantelen.

God is niet bezig de feesten te redden. Integendeel. Hij laat toe dat ze verdwijnen, verwateren of verboden worden, omdat ze geen plaats hebben in het komende Koninkrijk. Wat mensen ervaren als “afbraak van tradities”, is in werkelijkheid het wegvallen van heidense structuren die nooit door God zijn ingesteld. Dat roept weerstand op, omdat mensen gehecht zijn geraakt aan wat vertrouwd is, zelfs wanneer het tegen Gods orde ingaat.

“Leert niet den weg der heidenen, en schrikt niet van de tekenen des hemels; want de heidenen schrikken daarvan. Want de inzettingen der volken zijn ijdelheid.” Jeremia 10:2–3

Dit verklaart waarom de discussie zo fel is. Het gaat niet werkelijk om pieten, elfjes of vuurwerk. Het gaat om identiteit. Babylon kan niet blijven bestaan zonder haar rituelen. Wanneer die verdwijnen, blijft er een leeg bestuur over dat alleen nog regels produceert. En precies dát is wat we nu zien. Bestuur zonder ziel, wetten zonder waarheid, macht zonder legitimiteit.

De vernietiging van Babylon moet daarom niet romantisch of spectaculair worden voorgesteld. Het is geen explosie, maar een implosie. Babylon wordt vernietigd in de zin van bestuur: haar autoriteit brokkelt af, haar samenhang verdwijnt en haar geloofwaardigheid verdampt. Wat overblijft is een controlerend apparaat dat steeds meer regels nodig heeft om zichzelf in stand te houden.

“En het licht der kaars zal in u niet meer schijnen, en de stem des bruidegoms en der bruid zal in u niet meer gehoord worden; want uw kooplieden waren de groten der aarde.” Openbaring 18:23

Dit vers spreekt niet alleen over economische ondergang, maar over het verdwijnen van levensvreugde, ritme en maatschappelijke samenhang. Feesten stoppen, stemmen verstommen, het systeem raakt uitgeput. Dat is geen tragisch toeval, maar goddelijk oordeel. Niet omdat God willekeurig straft, maar omdat Babylon structureel weigert Zijn wet te erkennen.

Het is belangrijk om te begrijpen dat God hierbij gebruikmaakt van leiders die Hem niet kennen en Zijn wetten verachten. Zij denken dat zij vooruitgang brengen, veiligheid creëren of inclusiviteit bevorderen. In werkelijkheid versnellen zij het proces van ontbinding. Ze hakken zelf de pilaren weg waarop Babylon rust. Dat is geen misrekening van Gods kant, maar juist Zijn methode.

“Ik heb den HEERE gezworen, zeggende: Zekerlijk, gelijk Ik gedacht heb, alzo zal het geschieden; en gelijk Ik beraadslaagd heb, alzo zal het bestaan.” Jesaja 14:24

Dit is waarom terugkeer naar oude feesten geen oplossing is. Babylon kan niet gerepareerd worden. Het moet verdwijnen om plaats te maken voor iets anders. Gods Koninkrijk bouwt niet voort op heidense fundamenten, maar op Zijn wet, Zijn orde en Zijn waarheid. Wat nu afsterft, is niet “ons verleden”, maar een systeem dat zijn tijd gehad heeft.

Wetteloze leiders als werktuig in Gods hand

Een van de moeilijkste dingen voor mensen om te aanvaarden, is dat God niet uitsluitend werkt via rechtvaardige, godvrezende leiders. Integendeel, de Bijbel laat keer op keer zien dat Hij juist gebruikmaakt van koningen, bestuurders en machthebbers die Zijn wet niet kennen, verwerpen of zelfs openlijk bespotten. Dat botst met het menselijke idee van rechtvaardigheid, omdat men verwacht dat God “goede mensen” beloont en “slechte mensen” corrigeert. Maar Gods handelen is niet gericht op het morele comfort van de mens, het is gericht op de uitvoering van Zijn raadsbesluit.

Babylon wordt niet vernietigd door vrome hervormers, maar door haar eigen bestuur. Dat is altijd zo geweest. Een systeem dat gebouwd is op menselijke autonomie, zal ook door menselijke hoogmoed ten onder gaan. God hoeft daarvoor geen nieuwe structuren te scheppen; Hij laat simpelweg toe dat de bestaande machthebbers hun eigen natuur volgen. En die natuur is wetteloos. Niet wetteloos in de zin van chaos, maar wetteloos in de zin van: los van Gods wet.

De Schrift is daar buitengewoon duidelijk over. God schaamt zich er niet voor om heidense leiders “Zijn dienaren” te noemen, ook al erkennen zij Hem niet en handelen zij uit eigenbelang. Dat maakt hen niet rechtvaardig, maar wel functioneel binnen Gods plan.

“Ik heb hem verwekt in gerechtigheid, en al zijn wegen zal Ik recht maken; hij zal Mijn stad bouwen, en Mijn gevangenen loslaten, niet om prijs noch om geschenk.” Jesaja 45:13

Dit gaat over een heidense koning, geen man van het verbond. Toch zegt God zonder omhaal: Ik heb hem verwekt. Dat is confronterend, want het betekent dat morele afkeuring en goddelijke inzet twee verschillende dingen zijn. God gebruikt mensen zoals zij zijn, niet zoals wij zouden willen dat ze zijn.

Wanneer we dit toepassen op het huidige tijdperk, wordt veel duidelijk. Leiders die Gods wetten verachten, morele grenzen afbreken en tradities ondermijnen, doen precies wat Babylon van hen vraagt. Zij denken dat zij vooruitgang boeken, maar in werkelijkheid versnellen zij de afbraak van het systeem dat hen heeft voortgebracht. Ze trekken aan draden die ze zelf niet begrijpen. Dat maakt hen niet onschuldig, maar wel voorspelbaar.

“De HEERE heeft alles gemaakt om Zijnentwil, ja zelfs den goddeloze tot den dag des kwaads.” Spreuken 16:4

Dit vers wordt vaak weggepoetst of verzacht, omdat het ongemakkelijk is. Toch is het essentieel. Het laat zien dat God niet reageert op de geschiedenis, maar haar stuurt. Babylon loopt niet uit de hand; Babylon loopt zijn vastgestelde einde tegemoet. En de leiders die nu aan de knoppen zitten, zijn geen architecten van de toekomst, maar slopers van het verleden.

Dat verklaart ook waarom het bestuur steeds harder, afstandelijker en technocratischer wordt. Er is geen visie meer, alleen beheer. Geen ziel, alleen procedure. Babylon kan niet anders eindigen dan in controle, omdat controle het laatste redmiddel is wanneer legitimiteit verdwijnt. Hoe meer regels nodig zijn, hoe zwakker het systeem.

“Want het koningschap der volken is ijdelheid; zij maken wetten die geen recht zijn.”
vgl. Psalm 94:20–21

Wat mensen vaak missen, is dat God niet ingrijpt om Babylon te redden. Hij grijpt niet in om haar feesten te herstellen, haar bestuur te verzachten of haar leiders wijzer te maken. Hij laat haar haar eigen weg gaan tot het punt waarop niets meer werkt. Dat is geen nalatigheid, dat is oordeel. Babylon wordt overgeleverd aan zichzelf.

En juist daarin ligt de overgang naar iets nieuws. Niet doordat Babylon zich bekeert, maar doordat zij instort. Gods Koninkrijk wordt niet geboren uit hervorming, maar uit vervanging. Eerst moet het oude zijn gezag verliezen, pas daarna kan het nieuwe zichtbaar worden.

Verwarring als gevolg van het loslaten van Gods orde

Wanneer een samenleving zich losmaakt van Gods wet, ontstaat er niet direct chaos, maar verwarring. Dat is een cruciaal onderscheid. Chaos is zichtbaar en herkenbaar, verwarring niet. Verwarring nestelt zich langzaam in het denken van het volk. Mensen blijven functioneren, werken, stemmen en gehoorzamen, maar innerlijk weten ze niet meer waarom. Ze voelen dat iets wringt, zonder het onder woorden te kunnen brengen. Dat is geen psychologisch toeval, maar een logisch gevolg van het verlaten van vaste orde.

In de Bijbel is verwarring nooit een zelfstandig probleem, maar altijd een symptoom. Het wijst op het ontbreken van richting. Waar Gods wet niet langer het fundament is, moeten mensen zelf bepalen wat goed en kwaad is. Dat leidt niet tot vrijheid, maar tot innerlijke verdeeldheid. Vandaag is iets toegestaan, morgen verboden. Wat gisteren normaal was, wordt vandaag problematisch. Het volk raakt murw van voortdurende herdefiniëring.

“Zij hebben Mij verlaten, de springader van levend water, om zich bakken uit te houwen, gebroken bakken, die geen water houden.” Jeremia 2:13

Dit vers beschrijft precies wat er gebeurt wanneer een samenleving haar bron verlaat. Mensen zoeken vervanging voor orde, voor zekerheid, voor richting. Maar wat zij ervoor in de plaats zetten, houdt geen stand. Regels worden wetten, wetten worden protocollen, protocollen worden controlesystemen. Toch blijft de leegte bestaan, omdat het probleem niet praktisch is, maar fundamenteel.

Wat het volk nu ervaart als maatschappelijke spanning, is in wezen identiteitsverlies. Men weet niet meer wie men is, wat men viert en waarom men bestaat. Daarom worden discussies zo fel over symbolen, feesten en tradities. Niet omdat die op zichzelf heilig zijn, maar omdat ze houvast boden. Wanneer dat houvast verdwijnt, wordt elk verlies uitvergroot. Mensen reageren boos op details, omdat het grote geheel al onzichtbaar is geworden.

“Mijn volk wordt uitgeroeid, omdat het zonder kennis is.” Hosea 4:6

Het gaat hier niet om intellectuele kennis, maar om kennis van orde, wet en plaats. Wanneer die kennis ontbreekt, gaat een volk zichzelf tegenwerken. Het vraagt om veiligheid, maar verwerpt tegelijkertijd de wet die veiligheid mogelijk maakt. Het roept om vrijheid, maar accepteert steeds meer controle. Dat lijkt tegenstrijdig, maar is in werkelijkheid het gevolg van verwarring.

Babylon bevindt zich in dit stadium. Het bestuur produceert regels zonder richting, en het volk gehoorzaamt zonder overtuiging. Dat is een gevaarlijke combinatie. Want wanneer overtuiging ontbreekt, blijft alleen dwang over. Niet omdat bestuurders per se kwaadaardig zijn, maar omdat een systeem zonder gedeelde waarheid zichzelf anders niet kan handhaven.

“Zij maken inzettingen, maar niet uit Mij; zij stellen vorsten aan, maar Ik ken ze niet.” Hosea 8:4

Dit is geen beschrijving van opstand, maar van vervreemding. Bestuur en volk bewegen nog wel samen, maar niet meer vanuit dezelfde bron. Daardoor ontstaat spanning, wantrouwen en uiteindelijk verharding. Het volk voelt zich niet gehoord, het bestuur voelt zich niet begrepen. Beide reageren met escalatie.

Deze verwarring is geen tijdelijke storing die met hervormingen opgelost kan worden. Het is een fase in het afsterven van Babylon. Zolang het volk nog emotioneel betrokken is, blijft het systeem bestaan. Maar wanneer verwarring omslaat in onverschilligheid, begint het einde zichtbaar te worden. Dan verliest Babylon haar grip, niet door opstand, maar door leegloop.

Van orde naar dwang: het laatste stadium van Babylon

Wanneer een samenleving haar fundament verliest, ontstaat er een beslissend keerpunt. Zolang mensen nog innerlijk overtuigd zijn van het nut en de rechtvaardigheid van het bestuur, kan een systeem functioneren met relatief weinig dwang. Maar zodra die overtuiging verdwijnt, verandert alles. Dan blijft er nog maar één manier over om het geheel bij elkaar te houden: controle. Dit is geen moreel oordeel over individuele bestuurders, maar een structureel gevolg van een orde die losgeraakt is van Gods wet.

Babylon eindigt altijd op dezelfde manier. Niet met vrijheid, maar met regelgeving. Niet met vertrouwen, maar met toezicht. Dat is logisch. Een systeem zonder vaste waarheid kan geen beroep meer doen op innerlijke gehoorzaamheid. Het moet gehoorzaamheid afdwingen. Hoe minder mensen begrijpen waarom regels bestaan, hoe meer regels er nodig zijn. Zo ontstaat een vicieuze cirkel waarin bestuur en volk elkaar steeds minder vertrouwen.

De Schrift beschrijft dit proces niet als een ontsporing, maar als een vast patroon. Waar God niet langer erkend wordt als wetgever, neemt de mens die rol over. Maar de mens kan geen stabiele wet voortbrengen zonder God. Zijn wetten veranderen met de tijd, met de macht en met de angst van het moment. Daardoor worden ze steeds strenger, maar nooit rechtvaardiger.

“Zij maken wetten die geen recht zijn, en schrijven voorschriften die moeite veroorzaken.” Jesaja 10:1

Dit vers raakt de kern van het probleem. Het gaat niet om het bestaan van wetten op zich, maar om wetten zonder recht. Recht veronderstelt een vaste maatstaf. Wanneer die ontbreekt, worden wetten instrumenten van beheersing in plaats van bescherming. Het volk voelt dit feilloos aan, ook al kan het het niet altijd benoemen. Men gehoorzaamt uit noodzaak, niet uit overtuiging.

In dit stadium verliest Babylon haar feestelijkheid volledig. Feesten zijn immers momenten van vrijwillige samenkomst, van gedeelde vreugde en gemeenschappelijk ritme. Dat kan niet bestaan in een sfeer van wantrouwen en controle. Daarom verdwijnen ze niet toevallig, maar noodzakelijk. Een gecontroleerde samenleving duldt geen spontane uitingen die zij niet kan reguleren.

“De vreugde der trommels houdt op, het geluid der vrolijken verstomt, de vreugde der harp houdt op.” Jesaja 24:8

Wat hier beschreven wordt, is geen rouw om verloren amusement, maar het verdwijnen van levensritme. Wanneer alles beheerd moet worden, verdwijnt ruimte voor spontaniteit. Het volk past zich aan, maar wordt innerlijk leeg. Babylon blijft nog even overeind als bestuurlijk apparaat, maar haar ziel is verdwenen. Ze functioneert, maar leeft niet meer.

Bestuurders reageren in deze fase vaak met verharding. Niet omdat zij per definitie slecht zijn, maar omdat zij geen alternatief meer zien. Ze worden beheerders van een systeem dat zichzelf niet meer kan dragen. Elke maatregel vraagt om een volgende maatregel. Elke uitzondering vraagt om nieuwe regels. Zo groeit controle niet uit kwaadaardigheid, maar uit paniek.

“Want zij hebben Mijn wet verworpen; wat zouden zij dan nog wijsheid hebben?” Jeremia 8:9

Zonder wet is er geen wijsheid, en zonder wijsheid blijft alleen macht over. Babylon verliest in dit stadium haar morele legitimiteit en vertrouwt volledig op bestuurlijke dwang. Dat is het begin van het einde. Niet omdat het volk massaal in opstand komt, maar omdat gehoorzaamheid leeg wordt. Mensen doen wat moet, maar geloven nergens meer in.

Dit is het laatste houdbare stadium van Babylon. Verder kan het systeem niet gaan zonder zichzelf openlijk te ontmaskeren. Wanneer controle de plaats inneemt van orde, is het oordeel feitelijk al voltrokken. De val moet dan alleen nog zichtbaar worden.

Babylon valt door zichzelf, niet door opstand

Een van de hardnekkigste misverstanden over de val van Babylon is het idee dat zij ten onder gaat door revolutie, volksopstand of een plotselinge machtswisseling. Dat is een moderne projectie, maar niet Bijbels. In de Schrift valt Babylon niet omdat het volk massaal in verzet komt, maar omdat het systeem zichzelf uitput. Het raakt intern verdeeld, bestuurlijk verstard en inhoudelijk leeg. De buitenkant blijft nog even staan, maar de kern is al verdwenen.

Babylon hoeft niet aangevallen te worden; zij bezwijkt onder haar eigen gewicht. Wanneer een bestuur steeds meer regels nodig heeft om dezelfde gehoorzaamheid af te dwingen, is dat geen teken van kracht, maar van zwakte. Elk nieuw controlemechanisme verraadt dat het oude niet meer werkt. Zo ontstaat een systeem dat volledig bezig is met zelfbehoud, en daardoor niet meer kan dienen.

De Bijbel beschrijft dit proces met opvallende nuchterheid. Er is geen heroïsche strijd, geen glorieuze opstand. Er is verlatenheid. Mensen trekken zich innerlijk terug. Loyaliteit verdwijnt. Betrokkenheid droogt op. Babylon blijft bestaan als structuur, maar niet meer als gemeenschap.

“En de kooplieden der aarde zullen wenen en rouw maken over haar, omdat niemand hun waren meer koopt.” Openbaring 18:11

Dit is geen economische analyse alleen, maar een beschrijving van het verlies aan vertrouwen. Babylon functioneert bij gratie van deelname. Zolang mensen meedoen, consumeren, gehoorzamen en geloven in het systeem, blijft het draaien. Maar wanneer mensen nog wel meedoen uit noodzaak, maar niet meer geloven, begint de leegloop. Het systeem wordt hol van binnen.

God hoeft in dit stadium niets te forceren. Hij hoeft geen nieuwe macht op te richten om Babylon omver te werpen. Hij laat haar over aan haar eigen structuur. Dat is het oordeel. Babylon wordt geconfronteerd met de consequenties van haar eigen keuzes. Ze heeft Gods wet verworpen, en daarmee ook de samenhang die die wet bood.

“Want gelijk zij Mij verlaten hebben, zo zal Ik hen verlaten.” vgl. 2 Kronieken 15:2

Dit verlaten is geen emotionele afwijzing, maar een bestuurlijke werkelijkheid. God trekt Zijn ordenende hand terug. Wat overblijft, is een systeem dat technisch nog werkt, maar geen richting meer heeft. Besluiten worden genomen, maar zonder doel. Macht wordt uitgeoefend, maar zonder gezag. Het volk voelt dat feilloos aan.

Daarom zie je geen massale heldenverhalen in de Schrift over de ondergang van Babylon. Je ziet stilte. Verlating. Leegte. De stad wordt niet bestormd; ze wordt achtergelaten. Dat is misschien wel het meest vernietigende oordeel dat er bestaat.

“En niemand zal meer in u wonen; en zij zal tot een woestheid worden.” vgl. Jeremia 51:26

Babylon eindigt niet in een explosie, maar in irrelevantie. Ze bestaat nog op papier, maar niet meer in het hart van de mensen. En precies daar ligt de overgang naar iets nieuws. Niet door strijd, maar door vervanging. Wanneer het oude zijn betekenis verliest, ontstaat ruimte voor een andere orde.

Gods Koninkrijk komt niet voort uit Babylon. Het groeit niet uit haar structuren en neemt haar wetten niet over. Het verschijnt wanneer Babylon haar greep verliest. Niet als reactie, maar als alternatief. Niet luidruchtig, maar onontkoombaar.

Gods Koninkrijk als vervanging, niet als voortzetting

Een van de grootste vergissingen die mensen maken, is denken dat Gods Koninkrijk een verbeterde versie is van het bestaande systeem. Alsof Babylon eerst moet worden opgeschoond, hervormd of rechtvaardiger gemaakt, waarna het Koninkrijk daar logisch op aansluit. De Schrift laat echter iets totaal anders zien. Gods Koninkrijk is geen voortzetting van Babylon, maar haar vervanging. Het wordt niet gebouwd met dezelfde wetten, structuren of uitgangspunten, maar staat daar haaks op.

Babylon is gebaseerd op menselijke autonomie. Het bepaalt zelf wat goed is, wat rechtvaardig is en welke regels op welk moment nodig zijn. Gods Koninkrijk daarentegen rust op vaste wet. Niet veranderlijk, niet onderhandelbaar, niet afhankelijk van tijdgeest of meerderheid. Dat maakt het Koninkrijk niet flexibel, maar stabiel. En juist die stabiliteit maakt het onverenigbaar met Babylonisch bestuur.

“Want de HEERE is onze Rechter, de HEERE is onze Wetgever, de HEERE is onze Koning; Hij zal ons behouden.” Jesaja 33:22

Dit vers vat in één zin samen wat Babylon mist. In Babylon zijn deze rollen gescheiden, gefragmenteerd en voortdurend in conflict. Rechters interpreteren, wetgevers experimenteren, bestuurders beheren. In Gods Koninkrijk is er één bron van gezag. Dat is geen concentratie van macht, maar eenheid van orde. Waar één wet geldt, is geen eindeloze correctie nodig.

Daarom kan Gods Koninkrijk niet langzaam “ingevoerd” worden binnen Babylon. Het vraagt een breuk. Niet noodzakelijk zichtbaar of gewelddadig, maar wel principieel. Het oude moet zijn gezag verliezen voordat het nieuwe zichtbaar wordt. Zolang Babylon nog wordt gezien als legitiem, kan het Koninkrijk niet functioneren. Twee wetten kunnen niet tegelijk gelden.

“Niemand kan twee heren dienen.” Mattheüs 6:24

Dit gaat niet alleen over persoonlijke loyaliteit, maar over systemen. Een samenleving kan niet tegelijk functioneren op basis van menselijke wetgeving en goddelijke wetgeving. Eén van beide zal overheersen. Babylon kiest altijd voor aanpassing, Gods Koninkrijk voor trouw.

Wat dit praktisch betekent, is confronterend. Gods Koninkrijk is niet gebouwd op vermaak, consumptie of rituelen. Het heeft geen heidense feesten nodig om samenhang te creëren. Het heeft wet, orde en waarheid als bindmiddel. Dat maakt het voor velen onaantrekkelijk, omdat het verantwoordelijkheid vraagt in plaats van afleiding.

“Ziet, de dagen komen, spreekt de HEERE, dat Ik met het huis van Israël en met het huis van Juda een nieuw verbond zal maken.” Jeremia 31:31

Dit nieuwe verbond is geen culturele update, maar een juridische realiteit. Het gaat over wet die niet langer extern opgelegd wordt, maar intern erkend. Dat is het tegenovergestelde van Babylonische controle. Waar Babylon steeds meer toezicht nodig heeft, functioneert Gods Koninkrijk op basis van gehoorzaamheid uit erkenning van recht.

Daarom is Gods Koninkrijk geen democratie, geen technocratie en geen theocratie in menselijke zin. Het is wetmatig bestuur onder één Koning. Dat klinkt voor Babylon als onderdrukking, maar is in werkelijkheid bevrijding van willekeur. Want waar wet vastligt, verdwijnt angst voor plotselinge verandering.

“De wet des HEEREN is volmaakt, zij bekeert de ziel.” Psalm 19:7

Babylon kan dit niet verdragen, omdat haar bestaansrecht juist ligt in voortdurende verandering. Ze moet zichzelf steeds opnieuw definiëren om relevant te blijven. Gods Koninkrijk heeft die drang niet. Het is wat het is, en daarom blijft het bestaan.

Het Koninkrijk komt stil, terwijl Babylon luid verdwijnt

Wie een spectaculaire overgang verwacht van Babylon naar Gods Koninkrijk, mist een essentieel Bijbels principe. God werkt zelden luid wanneer Hij iets nieuws vestigt. Het lawaai hoort bij Babylon, niet bij het Koninkrijk. Babylon kondigt zichzelf aan met propaganda, rituelen, feesten en verklaringen. Gods Koninkrijk verschijnt zonder fanfare, zonder publieke aankondiging, vaak zelfs zonder dat het direct herkend wordt. Juist dat maakt het voor velen onzichtbaar.

De Schrift laat zien dat Gods handelen zich meestal voltrekt buiten de schijnwerpers van macht en bestuur. Niet omdat God zwak is, maar omdat ware orde geen bevestiging nodig heeft. Babylon daarentegen moet voortdurend gezien, erkend en bevestigd worden. Wanneer dat wegvalt, wordt zij luidruchtig in haar laatste fase. Protesten, campagnes, morele paniek en regelgeving stapelen zich op. Dat lawaai maskeert de leegte.

“Het Koninkrijk Gods komt niet met uiterlijk gelaat.” Lukas 17:20

Dit betekent niet dat het Koninkrijk onwerkelijk of innerlijk is, maar dat het niet via zichtbare machtsstructuren wordt geïntroduceerd. Het komt niet door een wetswijziging, niet door een revolutie en niet door een nieuw bestuur. Het verschijnt waar Gods wet wordt erkend als hoogste norm, ongeacht wat het bestaande systeem doet.

Babylon verdwijnt daarentegen niet stil. Ze gaat luid ten onder. Niet door explosies, maar door voortdurende rechtvaardiging van haar eigen bestaan. Elk beleid moet uitgelegd worden, elke maatregel verdedigd, elke beperking gemotiveerd. Dat is het teken dat gezag ontbreekt. Waar gezag bestaat, is uitleg minimaal. Waar uitleg eindeloos wordt, is gezag al verdwenen.

“Zij zeggen: Wij zijn wijs, en de wet des HEEREN is bij ons; maar ziet, de leugenpen der schriftgeleerden heeft het tot leugen gemaakt.” Jeremia 8:8

Dit vers toont hoe Babylon probeert de schijn van legitimiteit op te houden. Men beroept zich op recht, op wetenschap, op moraal, maar de inhoud is leeg. Niet omdat mensen dom zijn, maar omdat de bron verkeerd is. Zonder Gods wet wordt elke uitleg uiteindelijk zelfreferentieel. Het systeem verklaart zichzelf waar.

Het Koninkrijk werkt anders. Het zoekt geen bevestiging van het volk, geen goedkeuring van instituties en geen draagvlak van meerderheid. Het is er, of men het nu erkent of niet. Dat maakt het voor velen lastig te onderscheiden. Mensen verwachten zichtbare tekens, terwijl God werkt via erkenning van recht.

“Want gelijk de bliksem, die van den enen onder den hemel tot den anderen onder den hemel schijnt, alzo zal ook de Zoon des mensen zijn in Zijn dag.” Lukas 17:24

Dit gaat niet over spektakel, maar over onontkoombaarheid. Wanneer het moment daar is, kan het niet genegeerd worden. Niet omdat het luid begint, maar omdat Babylon dan al geen weerstand meer biedt. Het oude systeem is uitgeput, leeg en verlaten. Het nieuwe hoeft zich niet te bewijzen; het neemt vanzelf de plaats in.

Daarom herkennen velen het Koninkrijk pas achteraf. Ze zien dat Babylon verdwenen is, maar realiseren zich te laat dat iets anders al functioneerde terwijl zij nog discussieerden over het oude. Dat is geen misleiding, maar een gevolg van focus. Wie blijft kijken naar wat verdwijnt, mist wat verschijnt.

“Zie, Ik maak alle dingen nieuw.” Openbaring 21:5

Niet verbeterd. Niet aangepast. Nieuw. Dat is de essentie van vervanging. Het Koninkrijk is niet het slotstuk van Babylon, maar haar opvolger.

Scheiding binnen het volk wanneer Babylon verdwijnt

Wanneer Babylon zijn greep verliest en Gods Koninkrijk zichtbaar begint te functioneren, ontstaat er iets wat vaak verkeerd wordt begrepen: scheiding binnen het volk. Niet als gevolg van haat of geweld, maar als gevolg van keuze. Mensen reageren verschillend op het wegvallen van Babylon. Sommigen blijven zich vastklampen aan wat verdwijnt, anderen laten los en herkennen orde waar die verschijnt. Die scheiding is geen bijkomstigheid, maar een noodzakelijk gevolg van vervanging.

Babylon heeft het volk eeuwenlang geleerd te leven op gevoel, traditie, vermaak en herkenning. Wanneer dat wegvalt, blijven twee reacties over. De eerste is nostalgie: men wil terug naar wat was, zelfs als dat aantoonbaar leeg of heidens was. De tweede is erkenning: men ziet dat het oude geen toekomst had en dat vasthouden zinloos is. Deze twee houdingen kunnen niet naast elkaar blijven bestaan, omdat ze uitgaan van verschillende bronnen van gezag.

“Zij gingen uit van ons, maar zij waren uit ons niet; want indien zij uit ons geweest waren, zo zouden zij bij ons gebleven zijn.” 1 Johannes 2:19

Dit vers wordt vaak beperkt tot religieuze context, maar het principe is breder. Het gaat over verbondenheid die alleen bestond zolang het systeem functioneerde. Zodra de basis wegvalt, blijkt wie werkelijk ergens bij hoort en wie slechts meedreef. Babylon maskeert verschillen door iedereen via regels en rituelen bij elkaar te houden. Gods Koninkrijk doet dat niet. Het legt verschillen bloot, zonder ze te forceren.

Voor velen voelt deze scheiding als verlies. Families, gemeenschappen en vriendschappen komen onder druk te staan. Niet omdat iemand dat wil, maar omdat de gezamenlijke basis verdwenen is. Wat men ooit samen vierde, samen verdedigde en samen vanzelfsprekend vond, bestaat niet meer. Dat dwingt tot herpositionering. Niemand kan neutraal blijven wanneer het fundament verschuift.

“Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard.” Mattheüs 10:34

Dit zwaard is geen oproep tot geweld, maar een scheidingslijn. Het snijdt door vanzelfsprekendheden heen. Waar Babylon iedereen onder één cultuur samenbracht, brengt Gods orde onderscheid aan. Niet tussen goed en slecht in menselijke zin, maar tussen trouw aan waarheid en vasthouden aan vorm.

Babylon probeert deze scheiding te voorkomen door nog meer nadruk te leggen op eenheid, inclusiviteit en consensus. Maar eenheid zonder waarheid is dwang, geen gemeenschap. Wanneer Gods wet weer maatgevend wordt, valt die kunstmatige eenheid vanzelf uiteen. Dat is pijnlijk, maar onvermijdelijk.

“En velen zullen struikelen, en elkander overleveren, en elkander haten.” Mattheüs 24:10

Struikelen betekent hier niet moreel falen, maar het niet kunnen loslaten van het oude. Mensen botsen niet omdat ze kwaadwillig zijn, maar omdat ze verschillende werkelijkheden erkennen. De één ziet orde verschijnen, de ander ziet alles verdwijnen. Die kloof kan niet overbrugd worden met compromissen.

Voor hen die Gods orde herkennen, betekent deze fase geen triomf, maar verantwoordelijkheid. Niet om anderen te overtuigen of te forceren, maar om standvastig te blijven wanneer Babylon zijn laatste stuiptrekkingen vertoont. Wie begrijpt wat verdwijnt, hoeft niet te vechten om het vast te houden.

“Die rechtvaardig is, worde nog rechtvaardiger; en die heilig is, worde nog heiliger.” Openbaring 22:11

Dit vers laat zien dat in de eindfase posities worden vastgezet. Niet door dwang, maar door keuze. Babylon verdwijnt, Gods Koninkrijk neemt over, en het volk wordt zichtbaar gescheiden op basis van wat men erkent als hoogste gezag.

Het definitieve einde van Babylon en de vestiging van Gods bestuur

Wanneer Babylon haar laatste fase heeft doorlopen, wanneer controle de plaats van orde heeft ingenomen en het volk innerlijk uiteengevallen is, blijft er niets meer te herstellen. Dit is het punt waarop veel mensen nog hopen op een terugkeer naar “hoe het was”, maar dat moment komt niet meer. De Schrift is daar ondubbelzinnig over. Babylon wordt niet hervormd, niet gecorrigeerd en niet opnieuw ingericht. Zij wordt beëindigd. Niet uit wraak, maar omdat haar functie is afgelopen.

Babylon is altijd tijdelijk geweest. Zij had bestaansrecht zolang zij orde kon simuleren zonder Gods wet te erkennen. Maar zodra zij haar legitimiteit verliest, wordt zij overbodig. Het bestuur blijft nog even functioneren, maar zonder ziel, zonder richting en zonder toekomst. Dat is het moment waarop Gods Koninkrijk niet langer alleen zichtbaar wordt voor hen die het herkennen, maar ook onvermijdelijk wordt voor allen.

“En in haar werd gevonden het bloed der profeten en der heiligen, en van allen die op de aarde gedood zijn.” Openbaring 18:24

Dit vers maakt duidelijk dat Babylon niet neutraal is. Zij draagt verantwoordelijkheid. Niet alleen voor verkeerde wetten, maar voor het structureel onderdrukken van waarheid. Daarom kan zij niet blijven bestaan naast Gods Koninkrijk. Twee bestuursvormen met een tegengestelde bron van gezag kunnen niet naast elkaar voortbestaan. Wanneer Gods wet weer maatgevend wordt, verliest Babylon automatisch haar bestaansrecht.

Het einde van Babylon wordt in de Schrift niet beschreven als een langdurig proces, maar als een vastgesteld moment. Niet omdat alles in één seconde instort, maar omdat haar gezag in één keer wordt weggenomen. Wat daarna volgt, is slechts afwikkeling. Het systeem bestaat nog kort op papier, maar niet meer in werkelijkheid.

“In één uur is zo grote rijkdom verwoest.” Openbaring 18:17

Dat “één uur” duidt op abrupt gezagsverlies. Babylon verliest haar positie, haar invloed en haar stem. Niemand vraagt haar nog om richting. Niemand verdedigt haar nog uit overtuiging. Dat is het definitieve einde. Niet met oorlogsgeschreeuw, maar met stilte.

Daartegenover staat Gods Koninkrijk, dat niet meer in de schaduw functioneert, maar zichtbaar het bestuur overneemt. Niet als experiment, niet als optie, maar als realiteit. Gods wet wordt opnieuw erkend als hoogste norm. Niet omdat mensen plotseling moreel beter zijn, maar omdat alternatieven zijn uitgeput.

“En het koninkrijk, en de heerschappij, en de grootheid der koninkrijken onder den gansen hemel, zal gegeven worden aan het volk der heiligen des Allerhoogsten.” Daniël 7:27

Dit is geen symbolische troosttekst, maar een bestuurlijke verklaring. Heerschappij verandert van hand. Niet door verkiezing, niet door geweld, maar door overdracht. Babylon kan niets meer dragen, Gods Koninkrijk kan dat wel. Waar Babylon afhankelijk was van dwang, functioneert Gods bestuur op wet die erkend wordt als recht.

In dat Koninkrijk is geen plaats voor heidense feesten, vermomde afgoderij of culturele rituelen die mensen binden zonder waarheid. Wat overblijft, is orde, recht en verantwoordelijkheid. Geen eindeloze regels, maar vaste wet. Geen controle, maar gehoorzaamheid uit erkenning.

“Want uit Sion zal de wet uitgaan, en des HEEREN woord uit Jeruzalem.” Jesaja 2:3

Dit is het eindpunt. Niet de vernietiging om de vernietiging, maar de vestiging van recht. Babylon moest verdwijnen omdat zij geen wet had. Gods Koninkrijk blijft bestaan omdat het daarop gebouwd is. Wat mensen nu ervaren als verlies, blijkt achteraf bevrijding te zijn. Wat nu voelt als afbraak, blijkt voorbereiding.

Conclusie

Na het behandelen van deze studie blijft er eigenlijk nog maar één eerlijke vraag over: hoe kijk je nu naar de feesten en gebruiken die ooit zo vanzelfsprekend waren? Zie je dat kerst, pasen, sinterklaas en alles wat daarbij hoort langzaam maar zeker verdwijnen, niet met één grote beslissing, maar stap voor stap? Zie je hoe elk jaar weer iets wordt ingeperkt, aangepast, afgezwakt of ter discussie gesteld, tot er uiteindelijk nauwelijks nog iets overblijft van wat men ooit kende?

Waarom zie je steeds strengere rookverboden, terwijl roken ooit gewoon onderdeel was van het sociale leven? Waarom verdwijnen discotheken, cafés en uitgaansgelegenheden, plekken waar generaties jongeren samenkwamen? En waarom hoor je steeds vaker de vraag: waar moet onze jeugd eigenlijk nog heen als ze uit willen gaan? Niet omdat er geen behoefte meer is aan samenzijn, maar omdat de structuren waarin dat plaatsvond systematisch worden afgebroken.

Waarom verdwijnen al die dingen die vroeger als normaal werden beschouwd, zonder dat er iets gelijkwaardigs voor in de plaats komt? Omdat dit geen losse ontwikkelingen zijn. Het zijn geen toevallige beleidskeuzes en ook geen puur morele discussies. Dit is het afbrokkelen van Babylon. Een systeem dat gebouwd was op heidense feesten, vermaak, rituelen en afleiding verliest zijn fundamenten en kan zichzelf niet langer dragen.

Babylon valt niet omdat mensen plotseling massaal anders gaan denken, maar omdat haar tijd voorbij is. Wat verdwijnt, had geen plaats in Gods Koninkrijk. En wat geen plaats heeft, wordt niet behouden. Niet door vuur, niet door revolutie, maar door leegloop, regulering en uiteindelijke irrelevantie. Wat ooit het hart van de samenleving was, wordt een probleem, daarna een last en uiteindelijk een herinnering.

Wie dit ziet, begrijpt dat we niet getuige zijn van culturele vooruitgang of achteruitgang, maar van een overgang. Niet alles wat verdwijnt is waardevol, en niet alles wat vertrouwd was, was goed. Het verdwijnen van deze feesten en gebruiken is geen verlies van iets heiligs, maar het loslaten van Babylonische structuren die hun functie hebben gehad.

De vraag is daarom niet hoe we deze feesten kunnen redden, maar of we bereid zijn te erkennen waarom ze verdwijnen. Want wie begrijpt dat dit onderdeel is van Babylon’s val, kijkt niet meer verbaasd, maar ziet orde in wat voor anderen alleen verwarring lijkt.

Blijf op de hoogte van de nieuwste blogs

Abonneer op onze nieuwsbrief via e-mail of via onze RSS Feed. Je kunt op elk gewenst moment weer afmelden.

Nieuwste blogs

Voor het eerst hier?

Er is veel content op deze website. Dit kan alles een beetje verwarrend maken voor veel mensen. We hebben een soort van gids opgezet voor je.

800+

Geschreven blogs

300+

Nieuwsbrieven

100+

Boeken vertaald

5000+

Pagina's op de website

Een getuigenis schrijven

Schakel JavaScript in je browser in om dit formulier in te vullen.
Naam
Vink dit vakje aan als je jouw getuigenis aan ons wilt versturen, maar niet wilt dat deze op de lijst met getuigenissen op deze pagina wordt geplaatst.

Stuur een bericht naar ons

Schakel JavaScript in je browser in om dit formulier in te vullen.
Naam
=